Persbericht, persconferentie en interview

Wanneer gebruik je een persbericht? Wanneer kies je voor een persconferentie? Hoe pak je een interview aan?


Wanneer gebruik je een persbericht?

Als je onder een groot publiek snel een aankondiging of standpunt wil verspreiden.

Naar wie stuur je een persbericht?

Naar het persagentschap Belga.

Belga stuurt het ongewijzigd of in bewerkte vorm door naar kranten-, radio- en tv-redacties.

Je kan ook zelf een selectie van redacties aanschrijven.

Hoe lang is een persbericht en waar moet je op letten?

Lengte: één, hoogstens twee getypte velletjes A4.

Hou rekening met de voorkennis van je doelgroep (journalist): wat weet die van het onderwerp?

Hanteer een directe, persoonlijke stijl. Zorg daarbij voor een overzichtelijke indeling – gebruik titels (vet gedrukt), en korte zinnen.

De titel van het bericht geeft de hoofdgedachte weer en wordt soms overgenomen.

Vermeld gegevens (naam, functie, gsm) van de te contacteren personen.

Verzorg je huisstijl: logo, identiteit, …

Wanneer kies je voor een persconferentie?

Als je uitgebreide informatie wil verspreiden.Bovendien biedt het journalisten de kans om vragen te stellen.

Het tijdstip van de conferentie laat je bij voorkeur samenvallen met een bijzondere gebeurtenis. Maar vermijd wel ogenblikken van intense activiteit, zoals bijvoorbeeld een politieke crisis: anderen staan dan in de spots.

Waarmee hou je rekening bij de organisatie van een persconferentie?

Een korte checklist:

  • geschikt tijdstip (dag/uur) en plaats bepalen
  • uitnodiging verzenden + herinneringstelefoon
  • duur spreektijd: half uur, max. 45 minuten; nadien ‘vragenuurtje’
  • voorbereiding met: selectie van sprekers, vragenlijst en antwoord, persmap, lijst uitgenodigde journalisten
  • dossier met: samenvatting van uiteenzettingen, persfoto’s, documentatie (illustraties, grafieken), beknopte info over de organisatie, persbericht
  • op de persconferentie: zo weinig mogelijk personen achter de tafel, naambordjes, aanwezigheidslijst, persmapjes bij onthaal, faciliteiten voor journalisten (licht, tel./fax, stopcontacten, drankje, …), tijd voorzien voor vragen
  • nadien: plaats waar interviews ongestoord verlopen.

Hoe pak je een interview aan?

Een paar tips:

Bereid je voor:
word je onverwacht opgebeld, of ben je niet 100% zeker van je zaak: meld het de journalist.

Context van het interview:
vraag de journalist wat hij met het interview van plan is, in welke krant, magazine of uitzending het interview verschijnt.

Vraag om inzage voor publicatie bij lange stukken:
Wees zeker dat wat je belangrijk vindt zeker en correct wordt weergegeven.

Taal:
vermijd jargon, letterwoorden en geef bij eigennamen aan over wie het gaat (functie, organisatie).

Hou het concreet:
geef voorbeelden uit de praktijk, dat spreekt het publiek meer aan.

Vermeld feiten en cijfers:
maar spring er spaarzaam mee om, vooral bij radio- en tv-interviews.Het belangrijkste eerst.

‘Off the record’:
zeg de journalist wanneer hij of zij een verklaring niet mag publiceren.

Foutieve informatie in publicatie?
Vraag om een rechtzetting. Het is je recht.

Verstuur je regelmatig een persbericht? Tips van Schrijf.be

Groot gelijk - het is een geloofwaardige manier om uw nieuwe producten, diensten of evenementen in het zonnetje te (laten) zetten.

Toch als uw persbericht ook daadwerkelijk artikelen genereert.

De truc? Maak de journalist het hof. Kruip in zijn huid. Hij is:

  • gehaast, dus gemakzuchtig
  • verwend, dus snel verveeld
  • onderzoekend, dus wantrouwig
  • taalvaardig, dus pietje-precies.
     

Gehaast, dus gemakzuchtig
Een journalist leeft bij de gratie van zijn deadlines. Daarom kickt hij op ‘hapklare‘ teksten. Een ideaal persbericht is er een waaruit hij zijn stukje samenstelt met knip-en-plakwerk:

  • hoogstens één A4 - korter is beter;
  • korte zinnen in korte alinea‘s, zonder jargon,
    en geschreven in de taal van zijn lezerspubliek;
  • citaten van externe experts, klanten of bedrijfsmanagers;
  • eventueel een webadres voor foto‘s in hoge resolutie;
  • nooit (nooit!) bijlagen bij een elektronisch persbericht.
    Of irriteert u graag een journalist die met zijn laptop inbelt via een trage lijn, of als de dood is voor virussen?!


Omgekeerde piramide
Een journalist scant razendsnel alle persberichten. Bied het uwe dus aan in de vorm die hij verwacht: de omgekeerde piramide.
Niet eerst de argumenten en dan de conclusie - maar omgekeerd:

  • kop: geschreven alsof het een krantenkop is;
  • lead (eerste, vette alinea): alle essentiële informatie -
    ‘5W+H‘: wie, wat, wanneer, waar, waarom en hoe;
  • volgende alinea(‘s): extra info over het product, de dienst of het evenement;
    laatste alinea: beknopte bedrijfsinformatie;
  • onderaan: contactgegevens.


Verwend, dus snel verveeld
Een journalist selecteert wat hem boeiend lijkt aan de hand van de kop en de allereerste zin van de lead. Raken die de juiste snaar, dan leest hij verder. Zoniet: prullenmand!

  • Kies een originele binnenkomer - prikkelend of spannend.
  • Gebruik directe taal zonder franjes, met actieve zinnen.
  • Schrijf in de tegenwoordige tijd.


Onderzoekend, dus wantrouwend
Het zit in de aard van het beestje: een journalist is een onderzoeker en is dus per definitie wantrouwig. Ruikt hij ook maar een zweempje promotaal? Dan haakt hij meteen af.

  • Klop uzelf niet op de borst, maar blijf zakelijk.
  • Beperk u tot de feiten, niets dan de feiten.
  • Wees uiterst duidelijk over wat de feiten zijn
    en wat de plannen of vermoedens.


Taalvaardig, dus pietje-precies
Een journalist is per definitie taalvaardig - het Nederlands is zijn werkinstrument. Hij is dan ook héél gevoelig voor taal-, stijl- of tikfouten. Hoe kleinzielig u dat ook vindt, persberichten met taalfouten werken als een rode lap op een stier.

Lees ook

Zoek op trefwoord

media