Reisverslag Cuba: Feest van de Arbeid

Rond 1 mei 2009 trok het ABVV op missie naar Cuba. Een week boordevol boeiende ontmoetingen, kritische gesprekken én een indrukwekkend Feest van de Arbeid. Lees hier het reisverslag.


Woensdag 29 april 2009

Het ABVV gaat naar Cuba!

Federaal secretaris Eddy Van Lancker leidt een delegatie van het ABVV op een 1-meimissie naar dit veelbesproken eiland.

Naast Eddy zijn ook present: Daniel Van Daele (federaal secretaris), Caroline Copers (algemeen secretaris Vlaams ABVV), Lotte Ockerman (ABVV-Dienst syndicale samenwerking met het Zuiden) en Chris Derieuw.

Na een reis van 16 uur landen we in Havana. Een delegatie van de SNTIL (vakbond van de lichte industrie waarmee ABVV West-Vlaanderen via FOS een samenwerking heeft) en Yves Van Gysel (FOS vertegenwoordiger in Cuba ) onderscheppen ons en we worden naar een protocollair salon geloodst waar men ons verwent met een drankje.

Eenmaal buiten de luchthaven overvalt de Cubaanse tropische lucht ons en moeten we direct een aantal kledijlaagjes kwijtspelen.

Onderweg naar het hotel zien we de eerste oude Lada’s en Dodge’s die zo typisch zijn voor het Cubaanse straatbeeld, maar ook zeer veel modernere auto’s uit China en Japan. De kameelbussen zijn uit het straatbeeld verdwenen en vervangen door gewone bussen. Zoals overal in Cuba is het verkeer eerder rustig en sinds kort doorspekt met cocotaxi’s, brommertjes met twee overdekte zitjes.

In het hotel in het centrum van Oud Havana (“La Habana Vieja”) overloopt Manuel Ríos  - Manolito - samen met ons het programma van de volgende dagen. We beseffen dat het drukke dagen zullen worden.

Ondertussen is het 4 uur ’s nachts Belgisch uur, dus we besluiten om nog vlug iets te eten en onder de wol te kruipen, benieuwd naar de volgende dag.

Donderdag 30 april 2009

Om kwart voor acht vertrekken we met Lazaro en Jordan van de SNTIL naar de “Escuela Nacional Sindical Lazaro Peña”, het nationaal syndicaal vormingsinstituut.

Samen met een syndicale delegatie uit Vietnam worden we verwelkomd door de directrice van de school. Twee andere vrouwen begeleiden haar.

Straffe madammen

De school blijkt een waar matriarchaat te zijn met een leger “straffe madammen” die vakbondsleiders uit Cuba maar ook uit andere landen van het Latijns-Amerikaanse continent begeleiden in het doorlopen van cursussen.

De school werkt vanuit vier basislijnen: basisvorming, verdergezette vorming, academische vorming en postgraduaten.

Ze overvallen ons met cijfers:

  • Meer dan 200 professionele vormingswerkers geven les op nationaal en provinciaal niveau (in de gemeenten werkt men met vrijwilligers).
  • Er is slaapplaats voor 300 Cubaanse studenten en daarnaast beschikt de school over een hotel waar internationale gasten (uit Latijns Amerika, maar ook uit Europa en de VS) kunnen overnachten.
  • Op nationaal niveau studeren zo’n 300 studenten per jaar af, op provinciaal niveau zo’n 1000 en op basisniveau zo’n 10.000.
  • Alles wordt gefinancierd door de bijdragen van de leden, dat 1% van hun loon uitmaakt.
  • In Cuba is meer dan 90% van de werkende bevolking aangesloten bij een vakbond.

Op het binnenplein van de school nemen we deel aan een ceremonie samen met 113 studenten uit 16 verschillende Latijns Amerikaanse landen ter ere van 1 mei.

Er zijn mensen uit onder andere Colombia, Venezuela en Uruguay. Enthousiast roepen er mensen uit de menigte doorheen de plechtigheid “Viva Cuba! Viva la solidaridad internacional!” (Leve Cuba! Leve de internationale solidariteit!).

Via internationale vakbondssamenwerking kan de school rekenen op steun uit onder andere Spanje, Noorwegen, Denemarken, internationale instellingen als de WFTU (Wereldfederatie van vakbonden, een communistische variant op het IVV) en de IAO (Internationale Arbeidsorganisatie), en natuurlijk België.

Daarnaast geven Cubaanse vormingswerkers in verschillende Latijns Amerikaanse landen cursussen om hun ervaringen te delen.

De vrouw in Cuba

Volgende bezoek is aan de Federatie van Cubaanse vrouwen FMC. We worden door drie medewerksters verwelkomd in een prachtig koloniaal huis. Ze beginnen enthousiast aan een relaas over de federatie.

Vóór de revolutie was de rol van de vrouw in Cuba beperkt tot huishoudelijke taken. De taak van de FMC bestond erin de Cubaanse vrouwen te begeleiden in hun emancipatie.

Op dit moment heeft de FMC 4 miljoen leden die 88% van de vrouwelijke bevolking ouder dan 44 jaar uitmaken.

De federatie heeft 3 hoofddoelstellingen:

  • de revolutie verdedigen (tenslotte is het dankzij de revolutie dat vrouwen de kansen hebben die ze nu hebben),
  • volledige vertegenwoordiging van vrouwen in alle organisaties
  • en de verdediging van de mensenrechten.

Dit werk gebeurt vanuit de gemeenten via heterogene groepen van jonge vrouwen, arbeidsters, gepensioneerden, universitairen. De federatie werkt nauw samen met allerlei sociale organisaties zoals boerenbewegingen en vakbonden. De financiële middelen komen van de bijdragen van de leden en de bijdragen van de studenten die deelnemen aan cursussen die de familiale oriëntatiehuizen organiseren.

De federatie publiceert twee tijdschriften: “Mujeres” (vrouwen) en “Muchachas” (meisjes). Ze krijgen hulp vanuit internationale hoek: UNESCO, WFTU en andere instellingen. Tegelijkertijd is het een nationaal erkend instituut dat veel advies geeft aan de overheid.

Op legaal vlak heeft de federatie al veel werk verricht om wetten te verdedigen in het voordeel van vrouwen via aan de ene kant het perfectioneren van bestaande wetten en aan de andere kant het bijwerken van de arbeidscode.

In Cuba verdienen vrouwen evenveel als mannen, er is speciale aandacht voor gezondheidsproblemen specifiek voor vrouwen, zowel mannen als vrouwen kunnen tot 1 jaar betaald verlof krijgen bij de geboorte van hun kind met de garantie dat ze hun werk behouden.

De federatie biedt vrouwen de mogelijkheid om verschillende opleidingen te volgen: talen, kapster, maquillage, rijbewijs halen, massages geven, informatica. Daarnaast schenken ze ook aandacht aan “de dingen des levens”: seksuele voorlichting, informatie rond drugs, geweld en allerlei ziektes zoals kanker, AIDS en andere seksueel overdraagbare aandoeningen.

Ze benadrukken dat internationale hulp al veel betekend heeft voor hen, onder andere een project met FOS rond seksuele voorlichting, borstkanker en verantwoordelijk ouderschap.

Naar de ambassadeur

In de namiddag was er een bezoek gepland aan de Latijns Amerikaanse School voor Geneeskunde (ELAM) waar studenten uit heel het continent verpleegkunde studeren. Het lukte echter niet om binnen te geraken.

Daarom besloten we terug te keren naar het centrum en dit uurtje vrije tijd te gebruiken om even de sfeer in Havana op te snuiven.

Om half zes hebben we echter een afspraak met de Belgische ambassadeur dus we moeten ons nog haasten om op tijd te zijn.

De ambassadeur verwelkomt ons uitbundig Cubaans. Ze woont in een prachtig oud koloniaal huis met een schitterende tuin. Ze vertelt ons dat ze binnen een paar maanden naar Canada verhuist en moeite zal hebben om Cuba te verlaten.

De rol van de sociaal-democraten

Cuba heeft een plekje in haar hart verworven, zegt ze. We hebben het over de rol van de sociaal-democraten in Cuba. Volgens haar hebben ze niet veel steun onder de bevolking om verschillende redenen.

Eerst en vooral hebben ze toch geen invloed op het beleid. Maar ze hebben ook geen realistische alternatieve voorstellen.

Ze spreekt enthousiast over Raul Castro en vooral over zijn dochter, Marcella Castro, die al veel zaken in beweging heeft gezet in Cuba die voor verandering hebben gezorgd. Ze is in staat voorstellen tot verandering te doen die niemand anders zou aandurven, maar juist door haar naam aanvaardt men haar en kan ze zaken veranderen.

De uitdaging bestaat erin om de vele sociale voordelen te behouden en toch stapje voor stapje veranderingen door te voeren die onvermijdelijk zijn.

De Cubanen behandelen hun land als een vader, zegt de ambassadrice. Ze hebben veel kritiek, maar als een buitenstaander kritiek heeft, dan zullen ze hun land met hart en ziel verdedigen. De veranderingen moeten van binnen het systeem komen, zegt ze, en het ziet er naar uit dat met Raul dit heel geleidelijk is begonnen.

Vrijdag 1 mei 2009

We moeten klaar staan om kwart voor zes ’s morgens. Met kleine oogjes worden we door Havana gevoerd. Onder het licht van de opkomende zon zien we overal in de stad bussen toekomen met groepen mensen gewapend met spandoeken en plakkaten. Er hangt een verwachtingsvolle en vrolijke sfeer in de lucht.

We komen aan op de “Plaza de la Revolución”, Plein van de Revolutie, waar er al een menigte van duizenden buitenlanders op de tribune staat. Mensen uit landen van over heel de wereld zijn naar Cuba gekomen om 1 mei mee te maken. Als buitenlandse delegatie kan je kiezen om mee te lopen in de stoet, of op de tribune plaats te nemen waar je zicht hebt op heel de stoet.

Een fantastisch vrolijke stoet

Om 8 uur komt Raúl Castro bovenaan de tribune en begroet de menigte. Het is echter de algemeen secretaris van de CTC (Central de Trabajadores de Cuba, de Cubaanse koepelvakbond), Salvador Valdéz Mesa, die de speech houdt.

Opeens begint het koor te zingen en kijken we naar links. Daar komt een massa aangewandeld, of eerder “aangemarcheerd” want ze vorderen met grote snelheid. Het is een fantastisch vrolijke stoet met vlaggen, kleurige plakkaten, spandoeken, congadansers in flamboyante outfits, acrobaten.

Er hangt een ongelooflijk uitgelaten sfeer. Er bevinden zich ook veel buitenlanders in de stoet, te zien aan de vele nationale vlaggen uit onder andere Venezuela en Brazilië. De snelheid waarmee de menigte zich voortbeweegt versterkt ook de vrolijke sfeer.

Ondertussen blijft het koor zingen en geven vertegenwoordigers van de jeugdbeweging van op een podium commentaar op de stoet en feliciteren de verschillende groepen. Het duurt twee uur tot we het einde van de stoet te zien krijgen, we zagen ongeveer een half miljoen mensen passeren, een fantastische ervaring.

Naar El Nautico

We zijn om half zeven uitgenodigd op een plechtigheid voor uitmuntende arbeiders in “El Laguito”, de favoriete plek van Fidel om buitenlandse gasten te ontvangen. Een groep gespannen arbeiders moet zich verzamelen voor de ceremonie. Drie militairen zwaaien de benen hoog in de lucht terwijl het publiek het nationaal volkslied zingt.

Na een receptie met buffet gaan we naar de Círculo Social “El Nautico”. De “círculos sociales” zijn sociale centra van de vakbonden waar arbeiders tijdens het weekend kunnen relaxen. Er is bijvoorbeeld een fitness en schoonheidssalon. Vroeger waren deze centra enkel toegankelijk voor de rijken. Nu heeft elke vakbond zo’n centrum en staan ze open voor alle arbeiders.

In “El Nautico” is het feest aan de gang. Alle buitenlandse delegaties en mensen van de Cubaanse vakbonden en de CTC hebben er zich verzameld om 1 mei op een feestelijke manier af te sluiten. Een glaasje rum en de klanken van salsa en merengue mengen zich tot een uitgelaten sfeer.

Tegen 23 uur vallen onze ogen echter dicht en besluiten we om te gaan slapen. Morgen moet Eddy immers speechen. We zijn terug benieuwd.

Zaterdag 2 mei 2009

We moeten om 10 uur op het “Palacio de las Convenciones” - het conventiepaleis - zijn voor de “Encuentro Internacional de Solidaridad con Cuba” – Internationale Ontmoeting van Solidariteit met Cuba.

Lazaro en Guillem van de SNTIL leiden ons naar onze zitplaats in de conferentiezaal die al volgepakt zit met zo’n 800 man.

Salvador Valdéz spreekt ons toe. Hij heeft het over de mondiale crisis die ook in Cuba voelbaar is.

De werkloosheid is gestegen door onder andere een daling van de vraag naar Cubaanse goederen, en de daling van de import. Cuba voelt ook de bedreiging van de klimaatverandering: de orkanen hebben de economie hard aangetast. En dan is er ook nog steeds de blokkade.

Ondanks al deze moeilijkheden blijven de Cubanen doorzetten. De crisis is immers het bewijs dat er iets mis is met het neoliberalisme als systeem, zegt Valdéz.

In het Latijns Amerikaanse continent krijgt Cuba meer en meer steun van verschillende revolutionaire overheden. De CTC heeft relaties en krijgt steun van 1100 verschillende sociale organisaties en vakbonden uit 135 verschillende landen.

Salvador is dus optimistisch, hij besluit met “un otro mundo es posible”, een andere wereld is mogelijk.

Na de openingsspeech van Salvador volgen meer dan 40 tussenkomsten van mensen in de zaal.

Vertegenwoordigers van vakbonden uit de hele wereld (Nicaragua, VS, Brazilië, Vietnam, Nigeria, Engeland, Ierland, België (onze Eddy), Ecuador, Australië, Dominicaanse Republiek, Venezuela, Portugal, Canada, Democratische Republiek Congo, Uruguay, Mexico, Colombia, Spanje, Panama, Griekenland, Frankrijk en Chili) hebben het voornamelijk over de crisis en de bevrijding van de vijf Cubanen die in Amerikaanse gevangenissen zitten.

Ook studenten uit de School voor Geneeskunde (ELAM) uit Colombia en Peru getuigen over hun ervaringen in Cuba en de kansen die ze hier krijgen, kansen die ze in hun land niet hebben. Een Argentijnse getuigt over hoe ze in Cuba een behandeling heeft gekregen zodat ze terug kan lopen. In Argentinië zou ze voor altijd in een rolstoel moeten blijven.

De conferentie duurt uiteindelijk 4 uur. In de hal van de zaal is er nog een ceremonie waar de belangrijkste buitenlandse delegatie een onderscheiding krijgen. Caroline, Eddy en Daniel krijgen er ook één. En ook Yves van Gysel en Wim Leynders van FOS.

Na het middagmaal - dan is het al half vier – rijden we naar de CTC voor een afspraak met Salvador Valdéz. Hij maakt een uur vrij om ons te ontvangen. We hebben het over de gevolgen van de crisis in Cuba en in België, en de projecten van het ABVV in Cuba.

Als afscheidscadeau krijgen we een poster van Che, en Eddy krijgt als delegatieleider een fles rum en een doos sigaren.

Tegen dan is onze dag terug om. Morgen hebben we een dagje vrij en gaan we naar Las Terrazas, een natuurpark net buiten Havana.

Maandag 4 mei 2009

Vandaag gaan we naar de provinciale afdeling van de SNTIL in Villa Clara. We moeten terug om 6 uur klaar staan want het is bijna 4 uur rijden.

Onderweg in de auto overlopen we een document over de rol van de vakbondsbeweging in Cuba dat we van de CTC hebben gekregen net vóór vertrek. De tekst gaat over:

  • het ontstaan van de CTC,
  • de rol van de sectorale afdelingen,
  • de relatie van de vakbond met de Communistische Partij en met de regering,
  • de rol van de vakbonden in de bedrijven,
  • de structuur van de vakbonden,
  • de ontwikkeling van het interne beleid van de CTC,
  • tewerkstelling en contracten,
  • gezondheid en veiligheid op het werk,
  • lonen en inkomsten,
  • CAO’s, arbeidsconflicten, sociale zekerheid en buitenlandse investeringen.

Het document verduidelijkt een aantal zaken, maar roept zeker zoveel vragen op.

Het mausoleum van Che

We komen aan in Santa Clara, de hoofdstad van de provincie Villa Clara. We bezoeken eerst het mausoleum van Che Guevara.

Hier rust Ernesto Guevara samen met de kameraden die met hem in Bolivië sneuvelden. Een gigantisch standbeeld van de nationale held, die in Argentinië geboren werd, torent boven ons uit.

Op bezoek bij de vakbond

We vervolgen naar de kantoren van de SNTIL waar men ons in een vormingslokaal ontvangt en we vragen kunnen stellen. We krijgen op een aantal van de vragen die we verzameld hadden in de auto antwoord.

Bijvoorbeeld de relatie tussen de provinciale afdelingen van de sectorale vakbonden zoals de SNTIL, en de provinciale afdeling van de CTC. Het is duidelijk dat de vakbonden vooral het dagelijkse werk met de arbeiders en leden in de bedrijven op zich nemen en dat dit hun voornaamste bezigheid is. De CTC heeft een sturende en leidinggevende rol.

We vragen ook naar de rol van de CAO’s en onderhandelingen in de bedrijven. De vakbonden willen meer inhoud geven aan het begrip CAO, en de onderhandelingen en het sluiten van akkoorden meer als een instrument gebruiken om de rechten van de arbeiders te verdedigen. De specificiteit van het Cubaanse systeem maakt dat het sluiten van CAO’s eerder een formele gebeurtenis is dan een ware onderhandeling. Dit willen ze veranderen.

Een hele delegatie van de vakbond begeleidt ons naar appartementen van 16 arbeiders van een textielfabriek. Deze appartementen zijn gebouwd met fondsen van het ABVV West-Vlaanderen en zijn recent afgewerkt. Het zijn frisse en naar Cubaanse normen ruime woningen.

Eddy is zeer tevreden. De vorige keer dat hij hier kwam waren de werken nog maar tot de helft gevorderd en nu kan hij het resultaat van het project zien. De arbeiders uit het textielbedrijf zelf selecteerden de arbeiders die het meest een nieuwe woning nodig hadden.

Op bezoek in de textielfabriek

We gaan verder naar de textielfabriek en worden er ontvangen door de “administratie”. De arbeiders zijn in het Cubaanse systeem mede-eigenaar van de bedrijven die de staat beheert.

De administratie zijn werknemers van de staat die het bedrijf leiden. Het is mogelijk dat een lid van de administratie minder verdient dan een arbeider, want in dit systeem verdient de arbeider die meer produceert ook een hoger loon.

We eten in de eetzaal die geheel geïnstalleerd is geweest met hulp van het ABVV West-Vlaanderen. Na het eten leiden ze ons naar de vormingslokalen waar zowel vakbondsleiders, delegees, als arbeiders vorming krijgen. Ook dit lokaal werd uitgerust met hulp van ABVV West-Vlaanderen.

Het lokaal bevindt zich op het terrein van het bedrijf. Net naast het bedrijf is er kinderopvang. Die is overal in het land gratis.

Terug in Havana gaan we samen met een hele delegatie van de SNTIL eten om hen te bedanken voor de warme ontvangst. Iedereen is moe van de lange reis, maar de avond is echt een avond onder vrienden.

We beseffen dat we Cuba en de Cubanen zullen missen.

Dinsdag 5 mei 2009

We vertrekken vandaag, maar er staan nog twee bezoeken en twee vergaderingen op het programma.

Om 7 uur 30 vertrekken we naar een bouwbedrijf. De Algemene Centrale van het ABVV heeft hier via FOS een project in de bouwsector.

Vrouwen aan de macht

De bouwsector in Cuba bestaat uit verschillende brigades die over het land bewegen en waar nodig zich inzetten. Het bedrijf dat we bezoeken is een staatsbedrijf dat enkel werken uitvoert voor de staat. Er bestaan echter ook brigades waar particulieren beroep op kunnen doen om werken in hun huis uit te voeren.

Het valt op dat bijna alle syndicale leiders vrouwen zijn. De meerderheid van de arbeiders zijn wel mannen. In Cuba zijn de vrouwen aan de macht, in de vakbond althans.

Even verder in het bedrijf bezoeken we de ateliers waar de arbeiders praktische vorming kunnen volgen.

Hier zijn jongeren aan het werk. Dit zijn jonge Cubanen die geen werk hadden en hier de kans krijgen om een opleiding tot bijvoorbeeld metser te volgen. Ondertussen krijgen ze een loon als hulp en als ze de opleiding afmaken kunnen ze in het bedrijf aan de gang.

De klachtenprocedure

Volgende stop is een autobedrijf. Vroeger produceerde dit bedrijf enkel voor de diplomaten die in Cuba verbleven. Daarom zijn de arbeiders die er werken nog steeds aangesloten bij de SNTAP, de vakbond voor de openbare diensten. De ACOD heeft er via FOS een project.

We krijgen een presentatie over de verschillende diensten van het bedrijf en de manier waarop men het beleid rond veiligheid en gezondheid voert.

We krijgen ook uitleg rond de behandeling van individuele klachten. De arbeider die een klacht heeft gaat eerst en vooral naar de syndicale leider op de werkvloer. Die probeert het probleem op te lossen met de administratie.

Als dat niet lukt legt men het probleem voor aan het comité voor arbeidsgerechtigheid. In dit comité zetelen een afgevaardigde van de administratie, een afgevaardigde van de vakbond en een afgevaardigde van de arbeiders zelf (een soort ombudsman). Deze personen hebben elk nog eens een vervanger die ingeschakeld wordt als bijvoorbeeld de arbeider niet akkoord is met één van de afgevaardigden. Als er hier nog geen akkoord bereikt wordt kan men nog steeds naar een hogere instantie gaan.

Verwoestend orkaangeweld

Volgende vergadering is met de metaalvakbond. De Waalse en Brusselse Metaal (MWB) hebben met hen een project via ISVI, de dienst voor Syndicale Samenwerking met het Zuiden van het ABVV. Via hen krijgen we uitleg over de gevolgen van de orkanen in de metaalsector in Cuba.

Tienduizenden woningen zijn verwoest geweest door de orkanen. Om deze woningen te herbouwen waren er materialen nodig die vooral uit de metaalsector komen.

De verschrikkelijke verwoestingen die de orkanen in het land hebben aangebracht hadden dus tegenstrijdig genoeg een positieve impact op de productie in de metaalsector. Ze zijn dus heel druk bezig geweest met de heropbouw van woningen en ook van vormingslokalen van de vakbond.

Via het project hebben ze 22 vormingslokalen volledig kunnen uitrusten. Twee van de 22 lokalen zijn beschadigd geweest door de orkanen, de lokalen in Camaguëy. De uitrustingen en materialen zijn gelukkig bewaard gebleven. Met geld van het project hebben ze de lokalen kunnen opknappen na de orkanen.

Voor de heropbouw van woningen van arbeiders in heel het land hebben ze beroep gedaan op giften van verschillende landen, onder andere België, en eigen middelen.

De laatste vergadering is met de SNTIL. Manolito schetst voor iedereen hoe hij en Eddy elkaar hebben leren kennen en hoe de samenwerking met het ABVV West-Vlaanderen twaalf jaar geleden, is begonnen.

Hij vertelt dat de vakbond haar laatste congres had in februari 2009. Er waren 255 delegees uitgenodigd waarvan er 252 zijn gekomen.

De delegees, secretarissen en (internationale) gasten discuteerden over verschillende vakbondsthema’s in workshops, stemden voor het functiereglement en verkozen de nieuwe leiders. De arbeiders op de werkvloer stellen de kandidaturen voor en het congres stemt.

Loonpolitiek in Cuba

We hebben het ook over de specifieke loonsystemen in Cuba. Die zijn eerder ingewikkeld want iedere werkplaats kan zelf beslissen op welke manier men de arbeiders uitbetaalt.

Er fungeren twee complementaire systemen. Een individueel systeem en een collectief systeem.

Iedere arbeider kan meer verdienen naargelang hij of zij meer produceert. Bijvoorbeeld een persoon die de kragen van hemden maakt, verdient een vast loon per maand, maar kan een premie verdienen door meer kragen te produceren. Maar als de arbeiders gezamenlijk meer hemden produceren verdienen ze als groep ook meer. Per werkplaats zijn het de arbeiders zelf die beslissen hoe het in zijn werk gaat.

Het individuele systeem roept bij ons vragen op. Is dit niet antisocialistisch? In België probeert het ABVV zulke maatregelen net tegen te houden uit vrees dat men de werknemers op die manier zal verdelen.

Maar je kan Cuba moeilijk vergelijken met België. Er bestaan immers geen werkgevers die enkel uit zijn op winst.

De doelstellingen zijn anders. In Cuba is de staat de voornaamste werkgever. En die wil waardig werk geven aan alle Cubanen. Er bestaan wel “gemengde” bedrijven met buitenlandse investeringen. De rekrutering gebeurt echter telkens via een organisatie van de staat.

De lonen zijn niet hoog in Cuba en variëren van 250 (ongeveer 10 euro) tot 700 (ongeveer 30 euro) Cubaanse pesos per maand. Alle Cubanen hebben wel recht op gratis gezondheidszorg, onderwijs tot de hoogste niveaus, kinderopvang, bijkomende opleidingen, voedselbonnen. De huur bedraagt maximum 10% van hun loon. 85% van de Cubanen bezitten een huis.

In deze context is armoede relatief. Wat wel moeilijk is om te kopen zijn materiële zaken als kledij, computers en gsm’s.

"Onafhankelijke" vakbonden

Manuel Montero (verantwoordelijke voor de relaties met Europa bij de CTC) informeert ons over de situatie van de onafhankelijke vakbonden in Cuba. De VS financiert de meerderheid van deze onafhankelijke syndicalisten, vertelt Montero. Zij hebben geen enkele binding met werknemers in de bedrijven en hebben helemaal geen draagvlak.

Anderen overtraden nationale wetten en zijn hiervoor veroordeeld. De meesten onder hen zijn al terug op vrije voeten. Sommigen leven nu in Spanje. Bij anderen onderhandelt men nog over opschorting van straf. Montero onderstreept voor alle duidelijkheid dat de werknemers op een vrije manier hun syndicale vertegenwoordigers kiezen.

Huiswaarts

We moeten naar de luchthaven vertrekken. Maar niet zonder afscheid te hebben genomen van onze Cubaanse kameraden met een brindis: een tropische tafel van fruit en hapjes met een glaasje rum. Het was een intens verblijf.

Twijfels zijn weggenomen, al blijven er nog veel vragen. Die bewaren we voor een volgende bezoek...

Zoek op trefwoord

1 mei socialisme